Laat je inspireren

door Loek

Jeugdherinneringen

Namen en signalen

Het valt niet mee om als ‘mug’* op aarde te komen. Daarmee bedoel ik niet het proces als zodanig, want dat is alleen zwaar voor de geboortegever. Ik bedoel echter het verwachtingspatroon waarin je ter wereld komt. Een mug is een mug door z’n geboorterecht en z’n positie wordt waargemaakt door z’n gedrag. Een echte mug is niet zo prikkelbaar of stekelig en ondanks beweringen van het tegendeel echt geen Nurks. Een bloedzuiger? Niets dan leugens. Pa was een gebrekkig praktiserende katholiek, die op jonge leeftijd tot mug werd getransformeerd door schaalvergroting van de gemeente Haarlem. Ik was een redelijk gevormde mug, goed gesegmenteerd met donkere ogen. Al vroeg was ik gebiologeerd door vormen van communicatie en voelde mij aangesproken door Dikkertje Dap, Paulus, Sjors en Sjimmie en vanuit de Soete Suyckerbol. M’n zusters hadden nog niet de leeftijd bereikt dat ze werden aangesproken door jongens en m’n oudste broer ontving signalen van de achterliggende boerderij, die een sterke aantrekkingskracht op hem uitoefenden. M’n een-na-oudste broer had ook iets met signalen, maar dat zou veel later plaatsvinden in dienst van het vaderland, ter zee. Dat diende wat hem betrof slechts als middel om tussen lenige lichamen in het Caribisch gebied te raken. Een poging die jammerlijk mislukte, omdat het schip niet die kant op ging. De communicatie met m’n jongste broer ontbrak vooralsnog 12 jaar lang. Toen verscheen hij pas ter wereld. De uitwisseling van signalen met de diverse elkaar opvolgende huisdieren verliep soepeler. Ik oefen overigens nog steeds een enorme aantrekkingskracht uit op dieren, helaas ook op dieren met een wijd arsenaal aan vervelende eigenschappen als ruften, bemodderen, bijten en steken. Wespen zoeken mij altijd op en muggen en paardenvliegen komen altijd buurten, ondanks zorgvuldige beschermingstactieken.

Ik kreeg een naam die vóór mij al gedragen werd door hele hordes, die er vaak een serienummer achter zetten. De ambtenaar van de Burgerlijke Stand was hier schuldig aan, want korte namen als Rob, Ed of Loek mochten in die tijd niet worden genoteerd. Het werd dus Louis (overigens zonder serienummer, want dat mag ook niet). Gelukkig bestaat er zoiets als een roepnaam. Het komt niet in je paspoort, maar je heet wel de rest van je leven zo.

Zo’n roepnaam is natuurlijk een uitkomst als je opgroeit in een straat waar nog 2 leeftijdsgenoten dezelfde officiële naam dragen. Slecht 1 daarvan werd daadwerkelijk Louis genoemd. De roepnaam van de ander ontnam mij de illusie dat een roepnaam dé uitkomst was voor een noodlottige naamgeving. Hij ging als Lolo door het leven. Weliswaar prachtig als begin van een achternaam voor een Italiaanse filmster, maar om nou je zoon zo duidelijk in navolging van Johnny Cash’s A boy named Sue  met zo’n naam op te zadelen.

Niet alleen naamgeving, maar ook de verhalen van ouders werken behoorlijk op een kind in. Je kent je ouder namelijk maximaal een periode in jouw leven en niet hun hele leven. Je krijgt dus nooit een perfect waarheidsgetrouw beeld van hen. Zij kunnen dat beeld naar believen vervormen en/of verfraaien. Wanneer die verhalen consequent worden herhaald, worden ze voor jou de waarheid. Verhalen uit het verleden zijn altijd het leukst en het spannendst omdat ze worden gepolijst. Al m’n latere onderzoeken hebben zich nooit op m’n ouders gericht. Als kind geloofde ik hen onvoorwaardelijk en had ik het druk met het uitbreiden van mijn woordenschat middels spannende jongensboeken. Overigens besefte ik na de ontdekking van het boek Paddeltje  dat Lolo misschien toch niet zo vreemd was.

*een mug is een Haarlemmer

Het Badhuis

 Het badhuis was een wekelijkse routine, hoewel ik het als kind nooit als zodanig beschouwde. Elk bezoek was anders, maar de procedure was hetzelfde. Je trad binnen in een betegelde en behoorlijk echoënde ruimte met in het midden een vaste, strakke houten bank met een hoge stijve rugleuning., die glimmend gepoetst was. Rondom deze bank waren de douche hokjes. Zittend op de grote bank, met een bundeltje schoon goed in je handdoek gerold, wachtte je op het afroepen van het jou toebedeelde nummer.

Aarzelend ging je al staan, terwijl je wist dat de badmeester eerst nog het hokje droog trok met een langstelige trekker. Eenmaal toegelaten tot je cabine sloot je haastig de deur af, wetende dat je twintig minuten de tijd had om je wekelijkse wasbeurt te volbrengen. Na zorgvuldig je kleding opgehangen te hebben -dit in verband met het grote bereik van het opspattende water, dat je schone kleding en schoenen bedreigde- zorgde het klateren van de douchestraal er praktisch altijd voor dat je eigen waterstraal aan ging. Het was gewoonweg niet te onderdrukken en je ging je natuurlijk niet weer aankleden om het toilet buiten je douchecel op te zoeken. De douche in het badhuis was vermoedelijk het grootste urinoir na het gemeentelijke zwembad. Het was daarna heel spannend om koud water over de muur in het naastgelegen douchehokje te gooien. Het grote gevaar dat daarin lag besloten was dat je nooit wist wie er naast je stond te douchen. Je kon het alleen veilig doen aan het einde van je eigen douche tijd als de deur naast je werd gesloten, waarmee je daar een nieuwe badgast wist.

Het afdrogen en aankleden gaf problemen, want inmiddels was de doucheruimte helemaal nat. Eerst je voeten afdrogen en dan kon je balancerend in je schoenen de rest van het lichaam afdrogen en jezelf aankleden. Vervolgens kon het hokje van het slot en hoopte je je broer al te zien wachten op de bank. Tenminste, dat hoopte je in het geval dat je net koud water over het tussenmuurtje had gegooid.

Maar je was natuurlijk nooit gelijktijdig klaar, want badhuizen waren in het weekeinde druk bezochte gelegenheden. Soms duurde het wachten aanmerkelijk langen dan het douchen. Zittend op de bank kon je dan de medewachtenden bekijken. Je zag de vreemdste types en je speurde vooral naar huidaandoeningen. Je hoopte dat het lot je niet achter een bepaalde klant in hetzelfde hokje zou brengen. Je wedde ook vaak met jezelf over het vrijkomen van het eerstvolgende douchehokje en wie daar dan uit zou komen. Dat konden alleen jongens of mannen zijn, want vrouwen hadden hun eigen badhokjes.

Tenslotte kon je nog een meevallertje hebben, wanneer de klant die voor jou het hokje had gebruikt z’n kleingeld op het plankje onder de spiegel was vergeten. De badmeester keek alleen naar de op de grond achtergelaten troep.

Eén keer per week baden was destijds het toppunt van hygiëne.

De straat 1

‘De straat’ behelsde slechts het eerste gedeelte, want waar de straat zich versmalde behoorde hij niet meer tot ‘de straat’. Hier woonden de echte jongens bestaande uit een centraal trio en een bijbehorende groep, waarvan er twee eigenlijk ‘om de hoek’ woonden en een subgroep, waarin 1 jongen een voorliefde voor poortjes had, waar hij het verschil tussen jongetjes en meisjes probeerde vast te stellen en z’n eigen voorliefde te bepalen.

Meisjes in onze leeftijdsgroep waren er eigenlijk niet. De volgende lokale geboortegolf na 4 jaar herstelde het evenwicht want daar zaten dan weer geen jongens tussen.

Wat stond de welvaart in de vorm van voertuigen nog op een laag pitje. De melkboer kwam met een veredelde driewieler langs de deuren, de schillenboer deed dat met paard en wagen en de bakker kende -zeer toepasselijk- een driewielig koekblik, waarmee hij z’n waren rondbracht. De gelukkige bezitters van een automobiel huurden stallingsplaatsen in de garage naast ons huis, tussen de opgeslagen beschuitdozen. Als een vrachtauto met een nieuwe voorraad beschuit arriveerde, stond het centrale trio klaar om te helpen met uitladen. De beloning bestond uit een paar oude beschuiten. Er waren door de aanwezigheid van dat beschuit wel wat muizenissen en daarmee waren mijn ouders als bewoners van het aanliggende perceel niet zo blij.

De bewoners van de straat stonden bekend onder een bijnaam, een achternaam met het voorvoegsel ‘moe’, of onder hun huisnummer, zoals in ‘Nummer 16 zegt…’. De buurvrouw bleef altijd buurvrouw en de overige bewoners stonden bekend als tante met een voornaam er achteraan. Zoals je ziet was er geen ‘pa’, ‘buurman’ of  ‘oom’. Dat kwam denk ik omdat er geen werkelozen in de straat waren en de mannen derhalve buiten het straatleven stonden. Misschien dat zij ’s avonds na hun werkdag wel in het straatleven werden opgenomen, maar wij lagen als kind dan waarschijnlijk al op bed en hadden daar dus geen weet van. Volgens Dr. Spock was dit allemaal zoals het hoorde. Onze eigen huisarts had daarover geen mening, maar wij zaten wel met weekend-vaders opgezadeld, die verder slechts als strafbrengers werden gepresenteerd door hun huisvrouwen.

De straat 2

Hele grote, boven de huizen uittorende bomen waren tezamen met de lantarenpalen de centra van spelvreugde in straat. Later zou één boom worden vermoord. Officieel trad de dood in door een gaslek, maar uit directe waarneming was het ons duidelijk dat de schuld te vinden was bij de zoutzuurfles van buurvrouw. De boom was namelijk schuldig aan een zeer plaatselijke wet, hij blokkeerde een vrije lichtinval. Eén centrum ontviel ons dus op deze wijze. De speelse zwarte lantarenpalen die naar gas zagen, maar wel degelijk elektriciteit gebruikten, werden vervangen door hogere nieuwelingen met een geknikte hals. Ze waren hoger en daardoor aanlokkelijker voor het fietsband werpen en voor de klimsport.

Naarmate het bezit van auto’s toenam in de tweede helft van de jaren 60, werd de straat smaller. De eerste conflicten tussen autobezitters om een parkeerplaats voor de eigen deur brandden los. Mijn oudste broer toonde zich een ware strateeg in het veroveren van z’n eigen plaatsje op de weg. Wanneer een bezetting had plaatsgevonden, loerde hij tot de gelegenheid daar was z’n auto in z’n directe gezichtsveld te plaatsen.

Toen er nog slechts een enkele Goggomobiel of Messerschmidt, kever of Kaptein (Opel) stond was bomenlet een geliefd spel. Ook schipper mag ik overvarenwas nog mogelijk, evenals punten scoren door een bal op de tegenoverliggende stoeprand te mikken. Van de spaarzaam aanwezige auto’s nam ik de maximaal aangegeven snelheid op de snelheidsmeter over. Hier stonden waarlijke racemonsters. De met de voetbaltoto gewonnen kever van de nieuwe overbuur verstoorde ons voetbalspel tegen de naast ons huis gelegen garagedeuren. De bewoner van het eveneens door de toto verkregen huis, bleek meer nog de bewoner van de Volkswagen kever. Het beestje werd volkomen dof gepoetst. Wij werden niet binnen een straal van 200 meter geduld en zeker niet met een bal.

Toen wij als jeugd wat meer opgeschoten raakten werd de hoek van de straat de geliefde plek. Daar was een betegelde afscheiding onder de winkelruit van de rijwielhersteller, waar wij tegen aanleunden als monniken tegen een koorbank. We hadden daar onze eigen mindervalide. Hij was een jaar of 35 oud, maar ging op gelijk niveau met de jonge knapen om. Wij daagden hem uit tot rondjes hardlopen om het blok. Hij deed dat natuurlijk noodgedwongen in z’n rolstoel. Dat is z’n mooiste tijd geweest, want toen we hem niet meer uitdaagden omdat meisjes onze nieuwe uitdaging vormden, vereenzaamde hij snel.

 

De trap

De trap was het speelobject en -hulpmiddel bij uitstek. Onze trap was van een goed jaar, stevig, enigszins rond en met een goeie afsprong. Je kon hem aan de bovenkant ontkurken door de leuning zo laag mogelijk vast te pakken, terwijl je voeten achterbleven op de overloop. Zo kon je in slechts 2 etappes de ziel bereiken, middels de afsprong. Je kon ook beneden starten en je grenzen verleggen door de afsprong steeds een trede hoger te laten plaatsvinden, hetgeen aanleiding gaf tot protesten van je moeder en de houten gangvloer.

Het hekje op de overloop vormde een onderdeel van de trapsector. Je kon eraan hangen, het als evenwichtsbalk gebruiken in een ultieme poging de berging hoog in het trapgat te bereiken of je tenen aanhaken. De overloop kon je ook benutten door er knikkers richting het trapgat te laten rollen, welke je soms vóór de val kon stoppen en soms -uit de aard van het spel- niet. Ook gebruikte ik de overloop jarenlang in m’n slaap, alwaar ik met grote regelmaat in de diepte stortte, zonder tussenetappe. Verder was de overloop de plek waar zich het groene nachtlampje had genesteld. Dat nachtlampje was of heel geruststellend, of leek op het oog van een tijger als je door je oogharen keek.

Bovenaan de trap bevond zich nog een richel van ongeveer 8 centimeter breed, die als hoofdverkeersader voor dinky toys heel doelmatig was. De overloop was eigenlijk verboden terrein als pa een nachtdienst had volbracht, maar dat maakte het natuurlijk juist aanlokkelijk.

Zwemles

Alle ontstekingen die ik als kind kende en die terug waren te voeren op het slijmvliezenprobleem, bezorgden me een grote mate van watervrees. Ik ontkwam aan het vrijwel onvermijdelijke schoolzwemmen en spartelde slechts in de zeer toepasselijk genaamde spartelmeertjes in het duingebied, of in de voorzeetjes op het strand. In binnenzwembaden kwam ik natuurlijk niet en buitenzwembaden op bijvoorbeeld campings vormden een bedreiging. Ik moest al m’n vernuft inschakelen om niet in het water terecht te komen, zonder over te komen als een Jan Jurk. Mogelijkheden waren daarvoor te over. Een bril kon goed als excuus worden gebruikt. Later was het gewoon stoer om je lange broek en je laarzen aan te houden, zelfs op een zomerdag met tropische waarden. Het onvermijdelijke biertje in de hand. Het grootste gevaar in een buitenbad kwam niet van m’n vriendjes, maar van m’n moeder, die m’n broers ophitsten mij over m’n watervrees heen te helpen door mij simpelweg in het water te kieperen. Dat was echter een te zware opdracht. Mijn angst nam zodanige proporties aan dat ik in staat was iemand van het formaat van de Hulk terug te laten deinzen.

Toen m’n broer en zijn vriend op bezoek kwamen op ons vakantieadres en moeders verzoek wilden honoreren, kostte dat hen een paar tanden. Daarna werden de pogingen opgeschort en pas hervat toen ik 17 jaar werd. Eindelijk boekte ik een overwinning op mijzelf en liet me opgeven bij een particulier instructiebad. Ik ging zelfs daadwerkelijk naar het bad toe en gaf de instructeurs toestemming tot lijfelijk geweld teneinde mij in het water te krijgen. Zo heb ik alsnog leren zwemmen, maar de watervrees bleef, zij het in verminderde vorm. De zelfoverwinning ging zo ver, dat ik als opgeschoten knaap mij zelfs niet schaamde om af te zwemmen tussen hummeltjes die nooit bevreesd zullen zijn voor water. Hierna zou ik weigerachtig blijven m’n hoofd onder water te steken. In het diepe springen -laat staan duiken- is nog steeds niets voor mij. Vandaar dat ik de Nederlandse stranden waardeer. Je kunt zo lekker geleidelijk het water in lopen. Bij een zwembad prefereer ik het trapje. Eigenlijk is een zwembad te druk voor mij, want er wordt zeer veel gespetterd. Er wordt nogal wild bewogen in het water en de dreiging van een botsing is redelijk groot. Ik ben dan altijd bevreesd dat ik -letterlijk- het hoofd niet boven water kan houden. In een rustig zwembad in Tunesië heb ik nog tot driemaal toe m’n hoofd onder water gehouden op uitdrukkelijk verzoek van m’n vriendin, die -net als mijn moeder- hoopte dat de angst zal verdwijnen als je zoiets vaker uitvoert. Daar zat natuurlijk van haar kant een stukje eigenbelang bij, want als ik m’n hoofd onder water kan houden, zou ik eindelijk ingeschakeld kunnen worden bij stoeipartijtjes in het zwembad. Ik ben en blijf echter voor droog stoeien. Als het eventjes kan houd ik de rest van m’n leven het hoofd droog.

De voetbalclub

E.Z.O., Eendracht Zal Overwinnen, was de buitengewoon originele naam die ik voor onze club bedacht. Het was geïnspireerd op E.D.O., toen nog spelend in de derde divisie betaald voetbal, A.D.O. (eredivisie) en E.H.S. (tweede klasse district Haarlem). De club was een product van het al eerder genoemde trio uit de straat. Al snel hadden we een elftal bijeen. De bedoeling was wedstrijden te gaan spelen tegen bijvoorbeeld schoolteams. Daarvoor konden we mooi op de speelweide van het Noordersportpark terecht. Pas veel later kwam ik erachter dat dit park uit twee gedeeltes bestaat. Het eerste deel vanaf onze straat gezien heet inderdaad zo. De aanwezigheid van onder meer het stadion van de voetbalclub HFC Haarlem was waarschijnlijk mede bepalend voor deze naamgeving. Maar het tweede deel, vanaf de grote vijver, heet Schoterbos. De speelweide lag dus in het Schoterbos. Een tweede terrein dat in aanmerking kwam voor onze wedstrijden was een braakliggend veld aan de Orionweg. Voetballen was als groep altijd leuk geweest, maar nu we onszelf tot club hadden gemaakt, begonnen de problemen. Naijver en nepotisme deden hun intrede. Rauzers mochten niet meedoen en de wisselende voorkeuren en allianties veroorzaakten een crisis. Deze bereikte haar hoogtepunt na precies 1 jaar clubgeschiedenis. Een tweede team was net op papier tot leven gewekt en een heuse trainer was aangezocht. Dat aanzoek bezegelde tevens het einde van E.Z.O.

E.D.O. Eendracht Doet Overwinnen. A.D.O. Alles Door Oefening. E.H.S. Eendracht Houdt Stand

De heuveltjes

In mijn jeugd en onder de leeftijdsgenoten in de straat was ‘de heuveltjes’ een begrip. Zoals in zo vele gemeentes in de jaren 50 en 60 van de 20ste eeuw, was er sprake van een groot aantal braakliggende terreinen binnen de gemeentegrenzen. Het gebied, dat wij de heuveltjes noemden, vormde een onderdeel van een oude strandwal, zeg maar de eerste duinenrij uit de eeuwenoude geschiedenis van het Nederlandse landschap. Een restant hiervan bevond zich aan de Planetenlaan, een uitgelezen speelterrein voor fantasierijke kinderen. Achteraan, richting het E.D.O.-terrein (één van de roemrijke betaald voetbalclubs uit het Haarlemse verleden) lag een zompig stukje grond. Dat was door ons gedoopt tot ‘het moeras’. Het geheel vormde een landschap dat ons wist te inspireren tot het naspelen van wild west-verhalen. Dit was het toneel van de cowboyfilms in de Roxy bioscoop. Hier konden we hutten bouwen en een ingenieus gangenstelsel en loopgravensysteem aanleggen. Jongens werden nog volgens het traditionele rollenpatroon opgevoed, dus speelden we ‘cowboytje’, ‘Ivanhoetje’ (spreek uit: Aaivanhootje) of een weergave van een wereldoorlog.

Op m’n weg naar de ‘grote school’ ofwel basisschool, kwam ik langs ‘de heuveltjes’. De weg naar school was op zich al een avontuur. Na ‘de grote weg’ te zijn overgestoken, kwam ik over een braakliggend terrein, dat een miniatuurschatkist aan telkens wisselende omstandigheden bevatte. Na deze dagelijkse ervaring werd een tweede, minder gevaarlijke weg overgestoken, de Planetenlaan. Hier liep ik niet op het trottoir, maar op een één schoen breed paadje aan de andere zijde van een sloot, die parallel liep aan de stoep. Dit paadje lag ingeklemd tussen de sloot en het met stroomdraad afgezette weiland van een van de laatste boerderijen binnen de Haarlemse stadgrenzen.. Na het weiland kwamen dan ‘de duintjes’, die overdekt waren met paadjes en sporen. Dat betekende dat de route elke dag kon veranderen. Vervolgens kwam het E.D.O. terrein, dat doorliep tot aan de Planetenlaan. Tussen dat terrein en de stoep waren vele struiken en bomen. Jongensvoeten (meisjesvoeten bleven op de stoep als gevolg van het rollenpatroon) hadden daar een pad gemaakt. Klapbessen en andere zaken veraangenaamden de voortgang over dit ‘jungle pad’. Het avontuur stopte bij één van de nog schaarse asfaltwegen die ik overstak. Daarna restte slechts een stoep over een korte afstand naar het schoolgebouw. Een sprong over het lage schoolplein omvattende muurtje, door enkele bosjes en daar wachtte het gareel. Alle leerlingen diende in een rij te gaan staan. Er waren 12 klassen dus ook twaalf rijen. De eerste klas mocht na het fluitsignaal als eerste het gebouw in, daarna de tweede klas en vervolgens de andere klassen, waarbij de zesde klas de deur achter zich zag dichtvallen.

Als ik ’s ochtends te lang treuzelde kon ik de schoolbel horen luiden en was ik in draf nog op tijd in de rij. Maar dat kostte me wel de helft van m’n dagelijkse avontuur. De terugweg na schooltijd moest dat dan compenseren.

Eén groot avontuur blijft mij altijd bij. M’n moeder en ik lieten de hond uit en liepen via ‘de heuveltjes’ het Noorderportpark in. Alvorens het park te betreden was daar ‘het moeras’ en daarna nog een redelijke bosschage. Er stapten twee meisjes nogal verdwaasd uit die bosjes en het spiedend oog van moeder ontwaarde een man met z’n broek op de hielen. Alert als ze was op kinderlokkers die in bosjes loeren op onschuldige jeugd, zette zij een spurt in, zwaaiend met haar paraplu. Toen werd het me duidelijk dat je wel degelijk hard kunt lopen met een broek op je hielen, hoewel de eerlijkheid mij gebied te zeggen dat de broek onder het lopen in paniek werd opgetrokken. Een furie met een paraplu zal vast het schrikbeeld van deze man zijn geworden. Ik hoop dat hij hierna niet volhardde in z’n zoektocht naar jonge meisjes en als hij hierna nog wel meisjes lastig viel, hoop ik van harte dat hem hetzelfde is overkomen als Rutger Hauer in Turks Fruit, toen z’n filmpersonage z’n ritssluiting te snel dichttrok. Onnodig te zeggen dat m’n moeder in mijn ogen een heldin werd en dat in een periode waarin stripverhalen nog geen enkele heldin kenden.

Boodschappen

Boodschappen, een vreemd woord, het is een samenstelling van bode en schap. Goed we hebben dus een koerier (bode) en een achtervoegsel dat een kunde of een vaardigheid veronderstelt. Ik fungeerde als kind vaak als ijlboodschapper. Ik werd er veelvuldig op uit gestuurd om 1 of meerdere artikelen te halen, die direct nodig waren. Dat gebeurde in buurtwinkels, want die waren nog niet vervangen door supermarkten. Bert Butter was onze slager op het Nieuw-Guineaplein. Nadat mij op school een verhaal over koppensnellers op Nieuw-Guinea was verteld, keek ik ongerust tegen de combinatie van slager en plein aan. Mijn ouders waren hier kennelijk niet van op de hoogte en zonden me met gepast geld naar de slager. Moeder was prijsbewust, dus ik kon steevast nog vijf cent of een dubbeltje gaan nabrengen, want ze hield niet van schulden.

Bij de Gruyter werden vooral anijsblokjes gehaald. Dit was een prettige boodschap, want de gedachte aan de smaak van warme anijsmelk maakte verlangens los. In deze winkel stonden prachtige blikken van Verkade vol begeerlijke zaken, waarvan je mondjesmaat iets mocht kopen.

De bakker en melkboer kwamen aan huis, maar er werd regelmatig van kruidenier gewisseld. Soms werd ik naar de Gruyter gestuurd, soms naar Bourgonje, een kleinere winkel aan de overkant van de Rijksstraatweg. Later wisselde dat tussen de VIVO en Bourgonje, waarbij de eerste winkelier als een te controleren bedrieger werd gezien en de tweede winkelier niet zo proper oogde. De groenteboer (de Nederlandse middenstand kende nog geen mannen, maar alleen boeren) was volgens moeder ook niet zuiver op de graat. Hij leverde geen topkwaliteit en verkocht eigen geteelde groente tegen normale winkelprijzen. Nu zouden we dit een zwart of grijs circuit noemen, destijds sprak men van beunhazerij. Toen later de snackbar z’n intrede deed, volgde het feest der patatten, kroketten (waar te weinig vlees in zat) en frikandellen (waarvan je tenminste zeker was dat er geen vlees in zat). Dat was een winkel waar ik wel vaker naar toe wilde.

De douche

De douche deed bij ons z’n intrede via de keuken. Een zinken bak kon tegen de muur opgeklapt worden, terwijl het douchegordijn, dat altijd koud tegen je lichaam plakte bij een wasbeurt, teruggeschoven werd op een rail. In een nastomende keuken schuurde pa mij na afloop geheel af. Ik zeg bewust afschuren en niet afdrogen, want het gebeurde op de zeer hardhandige manier die hij ook toepaste bij het stoeien. Daar noemde hij het kietelen. Tussen zijn kietelen, afdrogen en mijn opvatting van knijpen en molesteren bestond niet veel verschil.

Na enige tijd was deze eenvoudige douche gedoemd te verdwijnen, want de stoomontwikkeling bij het serieel douchen van een heel gezin, zorgde ervoor dat het stucwerk losliet en er een wildgroei van zwammen in de keuken plaatsvond. De douche moest eruit en de wekelijkse gang naar het badhuis werd hervat.

Wegens koude en tochtproblemen leek het m’n moeder wenselijk met plastic golfplaten een ‘bijkeuken’ te realiseren. M’n oudste broer zorgde voor de bouw ervan, waarbij het oude raam uit de achtergevel goed van pas kwam. De volgende grandioze ontdekking van ma was dat je er op eenvoudige wijze een douche in zou kunnen maken. Tenslotte zat de aansluiting van de waterleiding nog aan de andere zijde van de muur in de keuken. Een gaatje was zo geboord!

Wij hadden veel lol onder onze binnenste-buiten-douche. Vooral toen de buren ook zo’n zelfde bijkeuken en douche maakten. Deze bijkeukens werden van elkaar gescheiden door een gewone -al bestaande- schutting van 1.85 m. Als wij hoorden dat de douche bij de buren in gebruik was door de oudste dochter, zwiepten wij direct een emmer koud water over de schutting. Het gegil dat dan opklonk gaf een weldadige voldoening aan de daders, die er wel voor zorgden alert te zijn op een wraakpoging wanneer zij zelf onder de douche gingen staan.

Toch was deze douche evenmin een onverdeeld succes. ’s Winters was het toch wel wat koud, ondanks de voorverwarming met behulp van een kachel op butagas. Toen ma na een aantal herindelingen van de ‘bijkeuken’ opmerkte dat zo’n bouwsel de natuurlijke ventilatie van de keuken in de weg stond, was ook het lot van deze bijkeuken en douche bezegeld.

Dat betekende dat wij opnieuw de wekelijkse tocht naar het badhuis moesten ondernemen. Met dit verschil dat ons oude badhuis inmiddels was gesloten, in verband met de toename van het aantal privé-douches. Wij gingen daarom iets verderop naar de Schotersingel. Die badinrichting zou nog enkele jaren openblijven. Toen deze ook sloot, zijn we nog een keer naar het tweede volksbadhuis van Haarlem in de Leidse buurt geweest. Dat sloot uiteindelijk zijn poorten na de grootschalige renovatie van die buurt in 1979.

Gelukkig kregen wij al een aantal jaren daarvoor eindelijk een echte badkamer.

Uiterlijke ontwikkeling

We gebruiken cookies om inhoud en advertenties te personaliseren, om functies voor sociale media aan te bieden en om ons verkeer te analyseren. We delen ook informatie over uw gebruik van onze site met onze partners op het gebied van sociale media, reclame en analyse. View more
Cookies settings
Accept
Privacy & Cookie policy
Privacy & Cookies policy
Cookie name Active

Wie zijn we

Voorgestelde tekst: Ons site adres is: https://loekvanstraaten.nl.

Reacties

Voorgestelde tekst: Als bezoekers reacties achterlaten op de site, verzamelen we de gegevens getoond in het reactieformulier, het IP-adres van de bezoeker en de browser user agent om te helpen spam te detecteren. Een geanonimiseerde string, gemaakt op basis van je e-mailadres (dit wordt ook een hash genoemd) kan worden gestuurd naar de Gravatar dienst indien je dit gebruikt. De privacybeleid pagina van de Gravatar dienst kun je hier vinden: https://automattic.com/privacy/. Nadat je reactie is goedgekeurd, is je profielfoto publiekelijk zichtbaar in de context van je reactie.

Media

Voorgestelde tekst: Als je een geregistreerde gebruiker bent en afbeeldingen naar de site upload, moet je voorkomen dat je afbeeldingen uploadt met daarin EXIF GPS locatie gegevens. Bezoekers van de site kunnen de afbeeldingen van de site downloaden en de locatiegegevens inzien.

Cookies

Voorgestelde tekst: Wanneer je een reactie achterlaat op onze site, kun je aangeven of je naam, je e-mailadres en site in een cookie opgeslagen mogen worden. Dit doen we voor je gemak zodat je deze gegevens niet opnieuw hoeft in te vullen voor een nieuwe reactie. Deze cookies zijn een jaar lang geldig. Indien je onze inlogpagina bezoekt, slaan we een tijdelijke cookie op om te controleren of je browser cookies accepteert. Deze cookie bevat geen persoonlijke gegevens en wordt verwijderd zodra je je browser sluit. Zodra je inlogt, zullen we enkele cookies bewaren in verband met je login informatie en schermweergave opties. Login cookies zijn 2 dagen geldig en cookies voor schermweergave opties 1 jaar. Als je "Herinner mij" selecteert, wordt je login 2 weken bewaard. Zodra je uitlogt van je account, worden login cookies verwijderd. Wanneer je een bericht wijzigt of publiceert wordt een aanvullende cookie door je browser opgeslagen. Deze cookie bevat geen persoonsgegevens en heeft enkel het bericht ID van het artikel wat je hebt bewerkt in zich. Deze cookie is na een dag verlopen.

Ingesloten inhoud van andere sites

Voorgestelde tekst: Berichten op deze site kunnen ingesloten inhoud bevatten (bijvoorbeeld video's, afbeeldingen, berichten, enz.). Ingesloten inhoud van andere sites gedraagt zich exact hetzelfde alsof de bezoeker deze andere site heeft bezocht. Deze sites kunnen gegevens over je verzamelen, cookies gebruiken, extra tracking van derde partijen insluiten en je interactie met deze ingesloten inhoud monitoren, inclusief het vastleggen van de interactie met ingesloten inhoud als je een account hebt en ingelogd bent op die site.

Met wie we je gegevens delen

Voorgestelde tekst: Als je een wachtwoord reset aanvraagt, wordt je IP-adres opgenomen in de reset e-mail.

Hoelang we je gegevens bewaren

Voorgestelde tekst: Wanneer je een reactie achterlaat dan wordt die reactie en de metadata van die reactie voor altijd bewaard. Op deze manier kunnen we vervolgreacties automatisch herkennen en goedkeuren in plaats van dat we ze moeten modereren. Voor gebruikers die zich op onze site registreren (indien aanwezig), slaan we ook de persoonlijke informatie op die ze verstrekken in hun gebruikersprofiel. Alle gebruikers kunnen op ieder moment hun persoonlijke informatie bekijken, bewerken of verwijderen (behalve dat ze hun gebruikersnaam niet kunnen wijzigen). Site beheerders kunnen deze informatie ook bekijken en bewerken.

Welke rechten je hebt over je gegevens

Voorgestelde tekst: Als je een account hebt op deze site of je hebt reacties achtergelaten, kan je verzoeken om een exportbestand van je persoonlijke gegevens die we van je hebben, inclusief alle gegevens die je ons opgegeven hebt. Je kan ook verzoeken dat we alle persoonlijke gegevens die we van je hebben wissen. Dit is exclusief alle gegevens die we verplicht moeten bewaren in verband met administratieve, wettelijke of beveiligings doeleinden.

Waar je gegevens naar toe worden gezonden

Voorgestelde tekst: Mogelijk worden reacties van bezoekers gecontroleerd via een geautomatiseerde spamdetectie service.
Save settings
Cookies settings